|
COLLOQUE
SENTIMENTAL
Door
het verlaten park, verstijfd, bevroren,
Volgden
straks twee gestalten oude sporen.
Hun
lippen zijn machtloos, hun oogen gebroken,
Nauwelijks
worden hun woorden gesproken.
In
het verlaten park, verstijfd, bevroren,
Roepen
twee schimmen op 't verleên verloren.
-
Herdenk je onze vroegere verrukking?
-
Waarom nog denken over die mislukking?
-
Klopt je hart sneller bij mijn naam alleen?
Zie
je mijn ziel in droom nog altijd? - Neen.
-
O lieve tijd van vreugden onuitspreeklijk!
Was
onze zoen niet een verbond? - Wat weet ik!
-
Wat stond de hemel blauw; de hoop, hoe hoog!
-
Hoop die verteerd naar 't zwarte zwerk vervloog.
Zoo
door de holle halmen doolde 't paar,
En
alleen de nacht werd hun gesprek gewaar.
J.
Slauerhoff, 1930
|